Blog – Dansen op een evenwichtskoord

Dansen op een evenwichtskoord

Ik ben opgegroeid in een gezin met een onvoorspelbare moeder, soms lief, soms agressief, en een bange vader. Alleen al het opschrijven van deze zin roept allerlei reacties bij me op: een gebrek aan loyaliteit, verraad, was het wel zo? Na dertig jaar te hebben geworsteld met deze vragen mag ik stellen dat het zo is, was? Je bent het product van je opvoeding. Maar je mag je ouders niet de schuld geven van wat erna gebeurt. Lastige kwestie. Ik beperk me tot het schrijven over hoe het is gegaan.

Mijn moeder was zeer onvoorspelbaar voor mij. Hoewel ik haar oogappeltje was, ondervond ik de gevolgen van haar eigen opvoeding en gekwetstheid van kinds af aan. Liefde ontvangen en me gewaardeerd voelen was niet vanzelfsprekend. Achteraf zeer afhankelijk van mijn moeders gesteldheid, maar in de beleving van mij als kind afhankelijk van mij, van mijn gedrag. De truc was om in haar hoofd te kruipen, mezelf erin bekwamen om te voelen wat zij voelde, te zien wat zij zag. Dat was de enige manier om het goed te doen.

Ik had de twijfelachtige eer om haar oogappeltje te zijn. Ik lijk op haar, en in mij zag zij een spiegel van zichzelf. Afhankelijk van hoe zij zichzelf zag, moest ik me aanpassen. Was zij blij, dan was ik blij. Was zij boos, dan was ik bang. Al snel leerde ik dat mijn moeder wist te overleven door uiterlijk perfect te zijn. Natuurlijk is niemand perfect, maar het nastreven ervan werd een belangrijk wapen voor de buitenwereld, en voor alle nare gevoelens in haar binnenwereld. Ik nam dit gedrag over. Ik leerde dat ‘mooi zijn’ een manier was om aan negatieve emoties te ontkomen. En daarin werd ik haar bondgenote. Zodanig dat mijn uiterlijk vertoon alles was waarmee ik me kon verdedigen tegen kritiek, afwijzing en onzekerheid. Net als zij.

Toen ik een puber was, voelde ik me extreem onzeker en angstig. Zoals elke puber zich voelt. Ik nam het overlevingsgedrag van mijn moeder over en ik focuste me op mijn uiterlijk. Hoewel ik eigenlijk onzeker, stil en verlegen was, zorgde ik ervoor dat ik er perfect volgens de laatste mode uitzag. En ik was mooi. Dat besefte ik toen nog niet, maar daar kwam ik door schade en schande achter. Jongens vonden mij interessant, hoewel ik geen stom woord wist te zeggen in hun nabijheid. Ik had namelijk niet geleerd om iemand te zijn, maar om ‘iets’ te zijn. Mijn zwijgzaamheid werd opgevat als ‘mysterieus’, en alle aandacht die mij ten deel viel slurpte ik op.

Ik leerde dat mijn innerlijk er niet toe deed, zolang mijn uiterlijk maar aantrekkelijk was. En daar acteerde ik op. Ik kreeg vriendjes, tot mijn grote verbazing. Ik werd populair, en wist niet hoe daarmee om te gaan. Ik had enkel één wapen, één bestaansrecht, mijn uiterlijk. En naarmate thuis de relatie met mijn moeder problematischer werd, en naarmate ik me meer voelde afgewezen, kwamen er meer mannen die mij wel aandacht schonken. Niet omwille van mij, maar omwille van mijn uiterlijk. Ik raakte geobsedeerd door mijn uiterlijk, besteedde hele zaterdagen aan het optutten van mezelf voor het uitgaan. Dat was essentieel, van levensbelang, mijn bestaansrecht. En wat ik ervoor terugkreeg was bewondering van mannen. Ik leefde daarnaar, ik slurpte alles op wat ik thuis tekortkwam.

Ik voldeed aan alle wensen, ik was wie zij wilden dat ik zou moeten zijn. Enig zelfgevoel kwam er niet aan te pas. Het ging namelijk niet om mij, maar juist om het verbergen van wie ik innerlijk was, door mijn uiterlijk.

Alle aandacht was welkom. Hoe vluchtig en oppervlakkig dan ook. En hoewel mijn uiterlijk natuurlijk veranderde naarmate ik ouder werd, de interactie bleef hetzelfde. Ik ruilde mijn schoonheid voor aandacht, ik ruilde aandacht voor mijn lichaam, ik ruilde mezelf voor bevestiging. Op welk vlak dan ook. Hoewel ik er meer en meer achter kwam dat ik meer was dan enkel uiterlijk, bleef dit mechanisme in mij leven. Als ik na een avondje stappen een man mee naar huis nam, dan ruilde ik zijn aandacht aan het eind van de avond in voor seks. Ik was me er niet bewust van dat dit niet hoeft. Ik dacht dat het een eerlijke ruil was. Een stukje bevestiging voor mijn lichaam, eerlijk oversteken.

Nu ik erop terugkijk, vind ik het walgelijk. Ik neem het mezelf kwalijk: ik had beter moeten weten. Maar het punt is dat ik niet beter wist. Zelfrespect was iets wat mij nooit was geleerd. Ik zag mezelf als een ruilmiddel. En ja, ik verwijt mezelf dat nog elke dag. Maar guess what: ik wist niet beter. Ik had niet anders geleerd. En nu ik het begin te leren, blijft de vraag of het mijn schuld was. Ik vroeg namelijk niet meer dan hetgeen me ten deel is gevallen. Maar of ik meer verdien? Ja. En zijn er mannen die dit wel snappen? Ja. Zijn er mannen die misbruik hebben gemaakt van mij? Ja. Is dat mijn schuld? Nee. Want ik geloof dat de meeste mensen deugen, en dat de meeste mannen deugen. Een flinke levensles maar het stopt hier en nu. Omdat ik anders wil en anders ben, meer dan een buitenkant. En degenen die dit niet (willen) zien, deugen niet. Maar ik wel.

 

Recommended Posts